maandag 27 mei 2013

Oud en nieuw vierden wij altijd bij mijn oma thuis. Mijn oma (1908) woonde een dorp verderop, in een bungalow, stijlvol ingericht met erfstukken. School was er vlakbij, en de supermarkt, en de Chinees. Daar werd, om het nieuwe jaar in te luiden, om middernacht een enorme partij vuurwerk afgestoken. Keihard, rokerig, rood vuurwerk. Meestal bleef oma thuis en gingen wij kijken, met onze handen voor de oren.

Eén keer bleef ik bij oma. Samen keken we naar het vuurwerk op tv. Ik was misschien al elf of twaalf. Oma was 80 of iets ouder. We zaten naast elkaar, op onze eigen, harde fauteuils, met prikkerige stof. "Kom je op schoot?" vroeg ze. Er zat terughoudendheid in haar stem. Ze vroeg het tussen neus en lippen door. In mijn herinnering zeg ik eerst nee. Ze vroeg het nog een keer. Ik klom op schoot. Ik was er te groot voor, ik was een stevig meisje met lange benen en mijn oma was geen grote vrouw. Misschien waren we al wel even lang.

Ik voel nog de droge, fijne wol van haar bruine trui. "Jumper", noemde ze haar truien altijd. Ik voel de prikstof van haar wollen rok. Ik voel mijn benen tegen de hare.

Soms denk ik dat de vrouwen in onze familie hun hele leven bezig zijn met afscheid nemen.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen